vrijdag 13 maart 2020

Vrijdag de dertiende

Het is vandaag vrijdag de dertiende. Ik heb net één van de kindjes naar zijn bijzondere school in de bossen van Crailo gebracht en scheur weer terug naar Almere over een uitgestorven A1. Normaal sluit je aan in de file zodra je bij Huizen de rijksweg oprijdt richting Amsterdam, nu kan ik met mijn ogen dicht keihard 110 scheuren met mijn Trabant. Ongekend. Zó knetterhard. Ik ben een verstandig mens dus naast me zit David veilig in zijn stoeltje keihard te zingen. Ik had hem ook op het gordelloze achterbankje kunnen leggen, Brandweerhelmpje op, hoofd op de wielkast, maar zo ben ik natuurlijk niet. Of op de hoedenplank, dat had ook gekund. De andere automobilisten zouden vol afgrijzen naar me staren. Dat doen de meeste mensen sowieso al, dus laat ik me maar gedragen. De politie zette me ook al eens aan de kant omdat er een kindje zonder gordel achterin zat, erg fijn was dat. Het kon niet anders want de stoelen voorin waren reeds bezet. Gelukkig ben ik extreem charmant en knikte zelfs deze stoere blonde agent van 2 meter 5 in lederen kostuum alras begripvol en invoelend na mijn uitleg over oldtimers en dat gordels achterin pas in 1992 werden ingevoerd. Hij zwaaide me met tranen in zijn ogen na toen ik mijn weg vervolgde. Maar dat kwam waarschijnlijk door de blauwe gifwolk die het uitlaatje uitbraakte. Waar was ik gebleven? Jullie leiden me af. O ja. Ik scheurde dus op topsnelheid over de A1 en David van 4 (zelf zegt hij 3) zong zijn lievelingslied: “Daaaavid, Merle Abraham, chai, chai, weh kajaham, David Merle Abrahám, chai chai wehkajahaaaaam.” Merle is zijn tweede voornaam, gewoon op z’n Hollandsch uitgesproken. Jullie kennen het liedje allemaal, het is natuurlijk een variatie op David Melech Jisraël. David zingt over zichzelf uit volle borst dat hij er is en volop leeft. Nou, dat klopt. Daar doet zo’n corona-virus nog even helemaal niks aan af. Zou ook wel gek zijn, want volgens Arnoud van Doorn zou het zó maar kunnen dat Israel het virus heeft bedacht. Ze zijn nu immers hard op weg een vaccin te brouwen, dus dan weet je het wel. Follow the money! Het malle is dat totaalwappie Van Doorn (u kent hem helaas: eerst PVV, daarna zag hij het zwarte licht van de Ka’aba en werd ernstig islamitisch) het virus eerst nog toeschreef aan Allah de Groot. Later werd het dus opeens een Israelische uitvinding. Dus eigenlijk zegt hij dat Israel Allah is. Ik zal het wel weer niet snappen. Israel hoe Akbar. Terwijl bij de Jumbo twee dikke huisvrouwen in bloemetjesjurken vechtend om het laatste pak Kotex door de gangpaden rollen geeft meneer Van Doorn even een nieuwe draai aan middeleeuwse antisemitische sprookjes als zou De Jood de bronnen vergiftigen. Of matzes bakken met stukjes christenkind. Dan ben je niet gek, dan ben je een doortrapt en slecht mens. Hij haalde zijn tweet later weer weg, wetend dat zijn talrijke volgelingen het toch al wel gezien hadden. Hij kreeg geen weerspraak van ze. Wel van talloze joodse en christelijke twitteraars die hij vervolgens wegzet als zionistisch trollenlegioen.
Zulke mannen zijn de wegbereiders voor geweld tegen Joden. Langzaam wordt zo het pad geplaveid. Corona schuld van de Joden. Lege supermarkten schuld van de Joden. Je moet bij gebrek aan toiletpapier je bips afvegen met je hamster schuld van de Joden. Dode mensen schuld van de Joden. Moge Allah zijn stembanden doen verkruimelen en hem zegenen met een akelige hoest in keel en broek.
Moge mijn lieve David nog heel lang in mijn Trabant zitten met zijn Brandweerman Sam-helmpje, zingend en vierend dat hij bestaat en volop leeft.

Eerder gepubliceerd in NIW 21 - 2020

donderdag 5 maart 2020

Poeriem

Afgelopen sjabbat was ik weer eens in sjoel. Dat was alweer een tijd geleden en ik merkte dat ik een beetje zenuwachtig was. Zoals christenen dat zo streng kunnen zeggen: ik had de dienst des Heren verzuimd. Nu maakte dat laatste me eigenlijk niks uit. Ik denk niet dat de Eeuwige tandenknarsend vanaf zijn wolkje naar beneden staart en chagrijnig monkelend mompelt dat die vermaledijde Roel wéér niet de gebeden heeft gepreveld. Als Hij of Zij überhaupt bestaat natuurlijk, want er is er maar Éen die dat zeker weet. Neen, ik neem me elke twee oudjaren die ik per jaar vier voor om vaker ter synagoge te teigen, maar het kómt er maar niet van. Dus verwaarloos ik al een paar jaar de sociale contacten, want daar gaat het toch vooral om (voor mij) bij een bezoek aan de Beit Knesset. Want zo noemt men de sjoel in Israël. Dus weer gegaan! En hoe fijn is dan om te bemerken dat de beveiliging goed oplet en je aanspreekt. Alhoewel je al 100 jaar lid bent, Dat zal me leren! Wie bent u? Een verzuimer! Binnengekomen gaan we gelijk met de kleuter naar de peutergroep die er eens per maand is, waar de kindjes kunnen spelen en wat meekrijgen van de traditie en waar de ouders koffie drinken en elkaar wat beter kunnen leren kennen. Ik merkte dat er niemand meer was van mijn generatie. Niet zo raar, onze oudste is inmiddels 18, de jongste 4 dus inmiddels behoor ik tot de oude hap. Mijn vrouw, die eruit ziet als 30, zal ik uiteraard niet zo betitelen. Zou niet durven. Deze maand is het Poeriem en dat willen we wel een beetje gezellig vieren met elkaar. Poeriem wordt ook wel Joods carnaval genoemd, omdat velen van ons er verkleed naar toe gaan. Israelische en chagrijnige Joden niet, die komen gewoon saai in hun dagelijkse kloffie. We komen verkleed en eigenlijk kan álles. De rabbijn spant vaak de kroon met een geweldige uitdossing - denk aan Mickey Mouse, Sinterklaas of Barbapapa. We herdenken - zoals bij elk feest, welbeschouwd - aan de overwinning op het antisemitisme. In dit geval gaat het om het verhaal van koningin Esther, de joodse gemalin van de Perzische keizer Achasverosj. De voornaamste adviseur aan diens hof, Haman genaamd, had een uitgesproken hekel aan Joden en kwam op het lumineuze idee om alle Joden in zijn land uit te roeien. De datum voor die vrolijke dag liet hij bepalen door het lot, vandaar de naam Poeriem, lotenfeest. Zijn voornemen kwam ter ore van Mordechai, de vader van Esther, en zij slaagde erin haar echtgenoot te verwittigen van het snode plan van die vermaledijde Haman. Tegenmaatregelen werden genomen en niet de Joden maar Haman en diens ongetwijfeld ook erg akelige zonen eindigden aan een paal. Dit verhaal wordt voorgelezen tijdens de dienst en elke keer wanneer de naam “Haman” klinkt zwaaien de kinderen met ratels en wordt er gestampt en “boe” geroepen. Ook volwassenen zwaaien met ratels. Zo zwaaide uw onhandige columnist jaren geleden in de synagoge van Zwolle eens heel hard met een enorme ratel tegen zijn eigen voorhoofd, zodat er eerste hulp verleend moest worden teneinde de hevige doch feestelijke bloeding te stelpen. Nogmaals mijn excuses aan de Zwolse joden voor de buikpijn van het lachen die ik ze bezorgde. Behalve deze ongewilde zelfbeschadiging zijn er andere leuke gebruiken tijdens dit feest die u ongetwijfeld meer zullen aanspreken. Wat dacht u van het drinken van alcoholische versnaperingen tot je het verschil niet meer weet tussen vriend en vijand, tussen Mordechai en Haman? Of het eten van Hamansoren? Dit zijn niet de oren van christelijke kindjes die zijn overgebleven na het bereiden van matzes voor pesach (een klassieke antisemitische mythe luidt dat we hun bloed gebruiken bij het bakken van matzes, maar zover ik weet zijn christelijke kindjes toch echt niet koosjer) maar gewoon lekkere koekjes, die een beetje driehoekig zijn. Waar was ik gebleven? O ja, ik was sinds een lange tijd weer eens in sjoel. Na afloop was er appeltaart en verdrongen mensen zich om even met me te kletsen: we hebben je gemist! Ik neem me voor om vaker te gaan.